Opinie
Werk aan vrede in plaats van aan oorlog
Jan Schlimbach deelt een noodkreet: ‘Noem het wereld-vreemd of naïef, maar is het niet de allerhoogste tijd om de zaken in de wereld rigoureus anders aan te pakken?’
Als we het nu eens allemaal helemaal anders gaan doen?! Noem het wereldvreemd, noem het naïef – dat mag allemaal – maar is het niet de allerhoogste tijd om alle zaken – ja ja, er wordt heel hoog ingezet – in de wereld rigoureus anders aan te pakken? Als we zo doorgaan draait het hele zaakje binnen de kortste keren naar de kloten. We staan erbij en kijken ernaar. Wat kunnen we als eenvoudige burger doen? De woede uit machteloosheid is groot. Heel groot. Maar slaan helpt niet. Vechten maakt het alleen maar erger. Vandaar deze noodkreet. Noem het maar wereldvreemd, noem het naïef, maar het moet gezegd worden.
Om te beginnen.
Zullen we collectief stoppen met ons voor te bereiden op een crisis dan wel oorlog? We worden al maanden een oorlog in gemasseerd. Een tamelijke foute aanpak.
Is het niet verstandiger om werk te maken van vrede voor iedereen in de wereld. Opbouwen is moeilijker, maar altijd beter dan afbreken.
Crisis
Zullen we stoppen met de propaganda dat er een crisis op ons af komt? Die crisis is er wereldwijd immers allang. Gelooft u dat niet? Kijk eens om u heen… Of wat verder weg in de wereld. Zullen we in plaats van te ruziën, gaan werken aan een oplossing voor die crisis?
Zullen we stoppen met het financieren van de oorlogsindustrie? Zullen we vervolgens ook stoppen met het maken van wapentuig? Zonder wapens kan er geen schot meer gelost worden, kan er geen drone of bom meer gedropt worden.
Zonder wapens kan er geen aanslag meer gepleegd worden, kan er geen slachtoffer meer vallen. De geschiedenis leert ons dat meer wapentuig tot meer geruzie en doden leidt.
En dat is nog maar het topje van de ijsberg. Wat nog meer dan?
Elkaar de hand reiken
Zullen we beginnen alle mensen als elkaars gelijken te gaan zien? Zullen we elkaars verschillen gaan respecteren? Zullen we elkaars overeenkomsten omarmen? Zullen we met elkaar in gesprek gaan en blijven? Zullen we stoppen met elkaar verrot te schelden? Zullen we beginnen om elkaar de hand te reiken?
Zullen we afscheid nemen van wereldleiders die andere landen binnenvallen? Zullen we afscheid nemen van wereldleiders die zonder keiharde bewijzen schepen bombarderen? Zullen we afscheid nemen van wereldleiders die – weliswaar foute – regerings-leiders ontvoeren? Zullen we afscheid nemen van wereldleiders die zeggen dat ze vrede brengen maar ondertussen de spreekwoordelijke lont in het kruitvat steken?
Zullen we afscheid van wereldleiders nemen die hun begerig oog laten vallen op andere gebieden? We kunnen de tuin van de buurman immers niet claimen omdat de appel- en perenbomen daar zo vol vruchten zitten?
Zullen we dan ook meteen afscheid nemen van topfunctionarissen – die uit gemakzucht kort van memorie zijn – in verdragsorganisaties die niet anders doen dan stroop smeren rond de monden van wereldleiders?
‘Meer, meer, meer’
En nu we toch bezig zijn, zullen we stoppen met de gedachte dat ‘meer, meer, meer’ zaligmakend is?
Zullen we de absurd rijken van deze wereld bewegen een klein deel van hun vermogen aan te wenden om de armoede van anderen te bestrijden? Een groot deel mag ook! Ze zullen ontdekken dat geven meer oplevert dan nemen.
Afscheid nemen, stoppen, gaan we nog wel iets doen dan?
En nu we toch bezig zijn, zullen we stoppen met de gedachte dat ‘meer, meer, meer’ zaligmakend is?
We vestigen een nieuwe orde, gebaseerd op vrede, respect en vriendelijkheid. Daar kan niemand op tegen zijn, toch? Degene die het hardste schreeuwt, krijgt niet zijn zin, degene die het hardste schreeuwt, heeft daarom niet gelijk. We plegen redelijk overleg en maken plannen met oog voor de meest kwetsbaren.
Alles wat de zittende macht – en handel – de afgelopen decennia naar de verdommenis heeft geholpen, moet hersteld worden. Als dat lukt tenminste. Want het is een heel karwei. Geld is er voldoende want we geven het niet meer uit aan wapens immers.
Slim toekomstperspectief
Er zijn huizen nodig, er moeten bomen worden geplant. We moeten oplossingen verzinnen voor ingewikkelde ecologische kwesties. We moeten een slim toekomst-perspectief verzinnen. Er is een hoop te doen. Er is een hele hoop te doen. (En de afwas staat er ook nog…)
Noem het naïef, noem het wereldvreemd. Als niemand het zegt, hoort niemand het, denkt niemand erover na. Het is de hoogste tijd dat we het allemaal anders gaan doen. De wereld, de mensheid, de flora en de fauna; het is allemaal veel te kwetsbaar om op de huidige voet verder te gaan. Laten we het daarom helemaal anders gaan doen.
Doe je mee?
Jan Schlimbach is redacteur van het Dagblad van het Noorden, de krant waarin deze Opinie werd gepubliceerd op 1 februari 2026
